Dag 81: maandag 12 mei 2014: Beren op de weg

Onze echt laatste loopdag breekt aan: 24 km met 850 m stijging naar Kōya-san; geen steile paadjes, dus geen moeilijk traject, maar wel lang. We vertrekken vroeg, al om 6.10 u, want er is regen voorspeld voor vanmiddag. Bij ons vertrek is het bewolkt, maar evengoed warm. We lopen eerst nog door stedelijk gebied en komen weer langs het open drooghok waar kakivruchten te drogen hangen, de vrucht waar deze streek bekend om is.
Dan komen we bij de Jisonin tempel aan de voet van de berg, waar de moeder van Kobo Daishi verbleef, toen hij op Kōya-san woonde. Deze tempel is daarom speciaal voor vrouwen. Bij de hoofdtempel hangen veel stoffen borstenparen, gemaakt door vrouwen om gezondheid af te smeken, en deze keer ook veel bordjes met rose lintjes en ‘no cancer’. Confronterend. Ik voel de angst van deze vrouwen, hun verdriet en hun verlangen. Asaka geeft me een amulet cadeau, met het pink ribbon symbool van de strijd tegen borstkanker. De wereld verschrompelt plotseling om me heen. Er is alleen nog ik met mijn verdriet. En de liefdevolle handreiking van Asaka.

We kunnen bij deze tempel ook een kleine stempelkaart meenemen om bij elke tempel op deze route een stempel te laten zetten. En, we kunnen hier ook een stempel laten zetten in ons grote stempelboek van de henro michi. Vanaf de Jisonin tempel loopt de ca. 24 km lange choishi michi naar Kōya-san, het pad dat Kobo Daishi 9x per maand bewandelde om zijn moeder te bezoeken en dat zijn naam ontleent aan de stenen palen die op elke cho (=109 m) staan. We volgen dit pad voor de 2e x, maar deze keer met een omweg ergens op een derde van de tocht. Kort na de Jisonin tempel is er een verlaten ogende shinto tempel – Nyukanshofu – met op een groot bord een schildering van de honden die volgens het verhaal door een jager naar Kobo Daishi zijn gestuurd om hem bij te staan bij zijn tocht. We zien er voor het eerst waarschuwingsborden: in deze regio komen beren voor en recent zijn deze dieren ook hier gesignaleerd. Kort daarna komen we langs een bord dat waarschuwt voor een berenval.
Lange tijd loopt de route tussen kakigaarden door. We nemen er om 7.50 u – na 3,3 km – ons ontbijt met de via de ryokan aangeleverde sushi, lekker vers gehouden in kakibladeren. In de verte, aan de overkant van de brede vallei, is de lange bergrug te zien waar Kōya-san deel van uit maakt. Om 9.15 u bereiken we na 6,7 km de Ropponsugi toge, een pas op 570 m hoogte. Hier splitst het pad zich en deze keer nemen we de afdaling naar een bekende shinto tempel op 465 m hoogte, een omweg van anderhalf uur volgens de laatste ryokan-eigenaar. Het begint lichtjes te regenen. Een fraaie, bolle, oranje brug geeft toegang tot de Nyutsuhime tempel. Bij het hoofdgebouw geeft een shinto priester uitleg aan een Amerikaans stel over de restauratiewerkzaamheden die blijkbaar plaatshebben aan de fraaie, kleine heiligdommetjes achter het hoofdgebouw. We raken aan de praat terwijl we nog maar eens een stempel laten zetten in ons boek en ik bovendien 2 mini-hondjes koop: beeldjes die de honden voorstellen die ooit Kobo Daishi bijstonden. Om 10.30 u trekken we verder, na een warme cacao uit de vending machine – de 1e cacao die we vinden tijdens deze pelgrimstocht! -, opnieuw omhoog klimmend. Om 11.00 u bereiken we Futatsu torii, de dubbele shinto poort op 641 m hoogte; we hebben dan 9,6 km afgelegd en zijn opnieuw op hetzelfde pad aanbeland als 2 jaar geleden. In de grote rest hut ernaast eten we als vroege lunch wat van de meegebrachte sushi. Ook het Amerikaanse stel rust er. Het blijken Texanen en ze ‘doen’ heel Japan met een gids. Vandaag lopen ze van de Nyutsuhime tempel naar de dubbele poort en weer terug om vervolgens met de auto Kōya-san te bezoeken. De Japanse gids vertelt dat er dit jaar half april nog sneeuw lag op Kōya-san!
Langs de 1e holes van een wat lager gelegen, kilometerslang golfterrein komen we om 11.40 u bij Koda Jizodo, een mooi klein heiligdommetje. Ook erna vangen we nog lange tijd glimpsen van het golfterrein op, tot groot plezier van Asaka, die middenin een golfcompetitie zit. Langs het pad staat weer regelmatig mamushi gusa, de op een Japanse adder lijkende plant.
Om 13.23 u is er – na 16,6 km en op 491 m hoogte – een restaurantje, waar we ook de vorige keer even hebben gezeten. Ook deze keer kunnen we er alleen koeken en (gratis) groene thee nemen. Boven de 650 m zijn er de 1e kolossale sugi. Opnieuw valt er even lichte regen. En dan komen we al om 15.55 u bij de grote Daimon poort aan, de indrukwekkende toegangspoort tot Kōya-san, op 847 m hoogte. Het plaatsje heeft vanaf hier de typische uitstraling van een bergdorp, maar wel met links en rechts een aaneenschakeling aan uitgestrekte tempelcomplexen. Bij de poort begint het eindelijk harder te regenen. We lopen snel door en zo komen we al om 16.35 u aan bij het gastenverblijf van de Jimyoin tempel, waar we voor het eerst verblijven. Het afscheid van Asaka is noodgedwongen wat kort: Zij wil nog doorlopen naar het mausoleum van Kobo Daishi, een paar kilometer verderop, en daarna terug reizen naar haar woonplaats Osaka; wij blijven hier 2 nachten en zullen pas morgen het mausoleum bezoeken.

‘De meeste stijging van de hele tocht!’, zegt Mels. Er staat me iets van bij, dat hij dat wel vaker heeft gezegd. Maar dat zoek ik thuis wel eens uit. Evenals het feit dat er een behoorlijk verschil in kilometers zit tussen de 3e en de 4e tocht. Rekenfoutje?

Na de ofuro zit ik op de binnenveranda naar de binnentuin te kijken, vol Japanse esdoorns, bijna uitgebloeide sakura en zelfs een sering met donkerviolette bloemen. Zouden de bloemen aan de sering in mijn tuin er nog aan zitten? Twee jaar geleden had iemand ze er allemaal uitgeknipt toen we terugkwamen uit Japan. En een jaar geleden waren bij terugkomst alle bloemen van de massaal groeiende judaspenningen afgeknipt… Hoe zou het met mijn tuin zijn? Ik denk terug aan 2010. Toen waren we voor het eerst op Kōya-san, voorafgaand aan onze 1e pelgrimstocht op Shikoku. Het was mijn 1e kennismaking met Japan. Magisch vond ik het. En dat is het nog steeds…

Het eten wordt gebracht op kleine tafeltjes, voor elk 3 tafeltjes en dan nog een groot dienblad met resterende zaken. Ook al staan er stoelen op de binnenveranda, we gaan maar weer op een plat kussen op de tatami zitten. Buiten giet het. Na de meer dan uitstekende, vegetarische maaltijd, worden de bedden opgemaakt. De monnik vertelt dat het morgen ook zal regenen. Voor mij is Kōya-san op zijn mooist in de regen…

Geplande afstand: 24 km (excl. omweg), totale stijging 850 m, totale daling 0 m
Werkelijke afstand: 24,2 km (incl. omweg), totale stijging 1497 m, totale daling 699 m, hoogste punt 847 m (Daimon poort, Kōya-san)
Cumulatief afgelegde afstand: 1478,1 km (+19 km per auto)
Vertrek-/aankomsttijd: 6.10 – ca. 16.35 uur
Looptijd: 5.40 uur
Gemiddelde snelheid: 4,3 km/u
Bezochte tempels: Jisonin tempel (Nyoninkōya), (shinto) Nyutsuhime tempel
Blaren: 0
Overnachting: gastenverblijf tempel Jimyoin, Kōya-san, hoogte 814 m (kamer 8 tatami groot, tokonoma, tafeltje, tv, halletje, binnenveranda met tafeltje/2 stoeltjes, uitzicht op fraaie binnentuin met Japanse esdoorns en bloeiende rododendrons en sering, vegetarisch avondeten goed, vegetarisch ontbijt matig)

20140520-201332.jpg

20140520-201427.jpg

20140520-201450.jpg

20140520-201504.jpg

20140520-201525.jpg

20140520-201541.jpg

1 reactie op “Dag 81: maandag 12 mei 2014: Beren op de weg

  1. Bravo, Yna & Mels. Dank voor de vele mooie, komische, ontroerende verhalen en de prachtige foto’s. Wel thuis!
    Henk

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *